donderdag 30 juni 2011

Pieker niet - het komt toch anders

"Life is what happens to you while you're busy making other plans". Het is niet voor niets de titel van mijn blog. Van alle quotes die je (te) regelmatig tegenkomt, is dit wat mij betreft de meest ware.

En het blijkt maar weer. Na al het wachten heb ik gisteren uiteindelijk toch maar zelf de telefoon ter hand genomen. Ik wilde wéten, ik wilde horen waar ik aan toe ben en hoe het nu verder gaat. Ik dacht: ze gaat vertellen of het optie A of optie B wordt. Het antwoord luidde: optie C.

Tsja.
Ik had het kunnen weten. Zo gaat het immers altijd... Oud-collega F. zei het ooit zo: "Pieker niet - het komt toch anders". Ha! Ja!

Optie C is een optie waar ik heel goed mee kan leven. Een optie waar ik zelfs erg opgelucht over ben. Bij de opties A & B had ik me neergelegd en ik was bereid ze aan te gaan, maar de hele tijd zat er ook nog een flinke laag 'nou ja, in godsnaam dan maar' overheen.

Nu heb ik dat niet. Optie C heeft namelijk de belofte in zich dat het niet zomaar is wat het protocol voorschrijft en waar ik dus maar in moet passen, maar dat het om míj gaat. U ziet: ook al die piekers van 'ik-verdien-het-niet' en 'ze-vergeten-me' waren weer eens onnodig. Dat het lang duurde kwam juist doordat ze me iets gunnen. Iets wat goed is voor me en waar ik zelf ook een stem in heb.

Ik weet dat dit alles heel vaag klinkt voor mensen die niet precies weten wat er allemaal speelt. Maar goed, daar maak ik een bewuste keuze in: niet iedereen hoeft het te weten. Vragen staat wel vrij natuurlijk, daar doe ik niet lullig over.

En nu?
Nou, nog heel even geduld, maar er komen andere tijden.
Ik heb in elk geval weer nieuwe moed.

woensdag 29 juni 2011

Wachten

Schreef ik hier nog dat het wachten op nieuws over de impasse nog een weekendje langer zou duren, inmiddels zijn we alweer ruim anderhalve week verder en heb ik nog steeds niks gehoord.

Ik moet dus wachten. Een gecombineerde cursus 'geduld hebben' en 'omgaan met teleurstellingen'. Want ja, als ik dan aan het eind van de dag wéér niet gebeld ben, is dat best een domper.

Wachten doet rare dingen met een mens, merk ik. Mijn telefoon en ik vormen een nog onafscheidelijker duo dan normaal. De godganse dag zweeft dat telefoontje dat moet komen langs de rand van mijn gedachten. Ook als ik er eigenlijk even niet zo mee bezig ben. Want stel nou, stel nou dat ze juist dán belt?

Ik hoor inmiddels ook dingen die er niet zijn. Hoe vaak ik er in de afgelopen week al van overtuigd ben geweest dat er 'iets piepte', terwijl dat helemaal niet zo was... Vooral als ik op de fiets zat, of als er een scooter door de straat knetterde. Ook wordt mijn cynische kant gevoed. Alsmede de kant van mij die niet zoveel met mij op heeft, zal ik maar zeggen. De kant die zegt: "Zie je wel, zo belangrijk ben je niet." De kant die zegt: "Andere mensen verdienen het ook veel meer." De kant die zegt: "Ze is je gewoon vergeten. En terecht." Ik weet dat ik niet naar die kant moet 'luisteren', dat het onterechte gedachten zijn, maar zie dat maar eens vol te houden als je weer niet gebeld bent. En weer niet. En weer niet.

Ik weet dat ze op maandag en dinsdag niet werkt. Dus dat wachten strekt zich uit over de dagen woensdag tot en met vrijdag. Dat houdt het lekker overzichtelijk. Vandaag vraag ik me af of de mevrouw misschien aan het protesteren is tegen bezuinigingen in de GGZ. Dan is ze in elk geval wel in de buurt - ik bied koffie.

Zelf bellen is een optie. Dat staat ook op de planning, al vind ik het ergens heel vervelend om dat te moeten doen. Het is niet dat ik dat niet durf - telefoonangst is een mij onbekend verschijnsel. Ik vind alleen dat het niet nodig zou moeten zijn. En daarbij: ik zie het al voor me. Dat ik bel, dat zij niet bereikbaar is en dat de receptioniste dan een terugbelverzoekje bij haar neerlegt. Dan zijn we precies even ver. Behalve dan dat ik dan misschien weer even 'on top of her mind' ben.

Maar afijn.
Ik wacht dus nog steeds. Dat u dat weet.

dinsdag 28 juni 2011

Scan

Of ik last heb van claustrofobie, vroeg de dokter toen ze het verwijsbriefje voor de MRI-scan invulde. "Nee", antwoordde ik.

Maar toen ik vanmiddag die witte koker in werd geschoven, was ik daar ineens niet meer zo zeker van. Het was wel èrg krap daarbinnen. Een lichte paniek maakte zich van mij meester. Dus ik werd weer uit de koker gehaald, voor even.

Ik ben niet zo fobisch aangelegd. Tuurlijk, ik heb heus wel een angstje links en rechts, maar dat neemt in geen enkel geval fobische proporties aan. Maar toch, toen ik daar dan op zo'n smal brancardachtig bed op een rol uit de kluiten gewassen keukenpapier lag, voelde ik me niet zo heel stoer. Het lag ook niet erg lekker.

En wat is dat toch voor geks, dat je in de normale omgang iemand nooit zo snel je onderbroek toont, maar dat er in het ziekenhuis mensen zijn die mij nog nooit gezien hebben met meer kleding aan dan de onderbroek?

Afijn.
Ik kreeg mijn ademhaling weer onder controle en ze schoven me terug in die koker. Ik hield mijn ogen maar dicht. In mijn rechterhand had ik een bal, daar mocht ik in knijpen als ik wilde communiceren met de scan-mensen.

Ik dacht aan Martin Bril, en aan zijn verslag van de MRI-scan. Het verschil tussen Martin Bril en mij is dat hij muziek mocht luisteren tijdens de scan. Dat was voor mij niet weggelegd. Ik had wel een koptelefoon op, maar dat was alleen om het geluid van de sigaar te dempen.

Toen dacht ik er over na of ik dit op mijn blog zou zetten.
De conclusie laat zich raden.

Al met al ging het nog best snel voorbij. Na een serie knallen, pufjes, rateltjes en vaag kloppen, werd de scan gestopt en haalden ze me er weer uit. Ik was toch wel opgelucht.

Mocht iemand mij nog eens vragen of ik last heb van claustrofobie, dan ga ik in elk geval iets langer nadenken voordat ik "nee" zeg.

Oh, en mochten mensen nu denken: een MRI-scan? Waarom?
Niks bijzonders. Gewoon even 'voor de zekerheid'. Geen zorgen, dus.

donderdag 23 juni 2011

Groentebla 3 - de wraak van de groentela

De rust in de groentela was teruggekeerd. De EHEC-crisis had niet meer ieders volle aandacht en Taugé was met onbekende bestemming vertrokken. Het kon een pan nasi geweest zijn, maar ook de GFT-bak. Hoewel niemand het zou toegeven, liet het de overige groenten tamelijk koud. Taugé was niet het meest aangename gezelschap geweest.

Komkommer had inmiddels ook andere dingen aan zijn hoofd. Over imagoschade maakte hij zich een stuk minder druk sinds hij met bruut geweld in tweeën was gehakt. Nu klaagde hij voornamelijk over fantoompijnen.

De groentela had ook nog eens nieuwe vulling gekregen, in de verschijningsvorm van Druif en Kers. Dat werd door de andere ingezetenen slechts oogluikend getolereerd; Druif & Kers waren welbeschouwd geen groenten en Witlof noemde dit "een principekwestie". Maar natuurlijk werden ze wel even aan de tand gevoeld over de nieuwtjes uit de wereld buiten de koelkast.

Druif had een nieuwtje dat Komkommer zijn fantoompijn even deed vergeten. "Er wordt een blog over jullie bijgehouden. Over jullie en de EHEC en de hele tau-gate enzo..." zei ze. Komkommer kromp in elkaar van verontwaardiging en trok ook een beetje wit weg, waarmee hij zich een soort tegendeel van de Hulk betoonde. "Een blog?! En hoe zit dat dan met onze privacy?" vroeg hij. "Ja, daar trekt dat mens zich dus niks van aan", zuchtte Kers.

Het zorgde voor reuring. De koppen werden bij elkaar gestoken. "Dit kan niet ongestraft blijven!" murmelde Witlof. "We moeten laten zien dat we ons niet zomaar laten bespotten. We moeten een statement maken!"
Druif, die eigenlijk niet wist wat een statement was, knikte fanatiek. "Ja! Dat moeten we doen!" Ook Sla was voor het plan, maar hij stelde de cruciale vraag: "Maar hóé dan?"

De knuisten gingen onder de kinnen en je hoorde de hersens kraken. "Iets waardoor we laten zien dat we niet over ons laten lopen..." mompelde Witlof. "Iets waardoor we laten zien dat we meer verdienen dan dit..." fluisterde Sla. "Iets waarmee we aantonen dat we aanzienlijk meer ruggengraat hebben dan zij wel denkt..." smiespelde Komkommer.

"Ruggengraat! Dat is het!" riep Kers toen. "Ik heb wel een plannetje! Ik zal eens laten zien dat er pit in de groentela zit!" Druif prosteerde. "Waarom moet jíj dat nou weer doen? Ik wil het doen! Laat mij nou!" Kers keek haar eens schamper aan. "Jij? Lieve hemel, Druif, we hebben het hier over pit... En wat staat er op jouw doosje? Pitloos! Dus waar hèb je het over?"
Druif keek beteuterd, maar ze durfde er ook niet zo goed tegenin te gaan. Al begreep ze nu wel iets beter wat een statement was.

"Nee, laat dat maar aan mij over", zei Kers kordaat. "Vanavond doe ik het."

Epiloog
Die avond liet Kers zich vrijwillig verorberen door die onbeschofte blogster die de groentela zomaar als input voor haar stukjes had gebruikt. Wat de blogster echter niet wist, was dat Kers zichzelf had gepantserd met iets wat niet goed viel in de maag van de blogster. Voor de goede naam en faam van de groentela had Kers geen EHEC genomen, maar wel iets waar een mens zich best even een beetje beroerd door voelt. In de nacht die volgde, werd Kers met kracht in de toiletpot gekotst en verdween hij - als halffabrikaat - in het riool.

Voorlopig houd ik me, groentegewijs, maar even op de achtergrond. Want die blogster, dat was ik dus. Inmiddels voel ik me wel weer goed. Stiekem moet ik vooral een beetje lachen om het feit dat of all people uitgerekend ík degene moet zijn die 'iets verkeerds eet'. Dat is ironie op z'n best.

zaterdag 18 juni 2011

Over de impasse

Laat ik maar weer eens wat schrijven over de impasse. Er is nog geen 'echt' nieuws, maar we're on the case.

De vorige keer dat ik erover schreef had ik het al over een indicatie en een contraindictie en hoe die twee niet goed samen gaan. Dat is ook wel een beetje stating the obvious, want als het wel samenging, was die hele impasse er nooit gekomen. Maar goed.

Er werd overlegd, en nog meer overlegd, en ondertussen trok ik uit pure verveling en frustratie al mijn wimperharen uit. Nou ja, dat had ik kúnnen doen. In plaats daarvan ben ik elke dag weer opgestaan en luidt het devies des morgens: "Eerst maar een kop koffie en dan zie ik wel weer verder".

Al dat ge-overleg leidde ertoe dat ik een nieuw gesprek kreeg. Klein puntje: daar moest ik dan wel een maand op wachten. En ik wil niet heel sarcastisch klinken, maar ik begon me vertwijfeld af te vragen of er hier een letterlijke interpretatie van "wachten tot je een ons weegt" werd nagestreefd.
Vervolgens werd die afspraak gepland op de dag dat het OV staakte en moest ik het dus nog een keer verzetten. Maar toen was het dan zover. Ik had me goed voorbereid en een waardevolle tip meegekregen: "Praat vanuit je gevoel - je bent er namelijk iets te goed in om alles te rationaliseren".

Het praten vanuit mijn gevoel maakte het gesprek voor mij tot een bijzonder onaangenaam iets. Toen ik weer naar huis mocht, werd me gezegd dat ik voor het eind van deze week meer zou weten.

Dus ik kleefde mijn mobiel aan m'n oor, overdrachtelijk gezien dan, en ik wachtte. Ik wachtte tot vrijdagmiddag 17.50 uur en toen werd ik eindelijk gebeld. Alleen: ze wisten het nog niet. Ze hadden nog wat vragen aan mij en volgende week praten ze dan weer verder. Want na 'het een en het ander' gaat het nu om 'optie A of optie B' - samen te vatten als "to bed or not to bed - that's the question".
Nou ja, vooruit. Nog een weekendje wachten kan er dan ook nog wel bij. Dus ik zei "Oké" en toen zei de mevrouw die mij belde:

"Ik werk alleen niet op maandag en dinsdag, dus het wordt dan tweede helft volgende week dat je meer hoort."

Ik zei maar weer "Oké". Wat kan ik anders? Op m'n kop gaan staan? Dat heeft toch ook geen enkele zin. En gelukkig heb ik naast een onvermoeibaar vermogen tot rationaliseren ook iets wat je best 'engelengeduld' mag noemen.

Dus ach.
Nu eerst maar een kop koffie, en dan zie ik wel weer verder.

woensdag 8 juni 2011

Groentebla (2)

Een paar dagen waren voorbijgegaan en de bewoners van de groentela hadden het nodige meegemaakt. Tomaat & Tomaat waren zonder al teveel plichtplegingen in de pan gehakt, maar darvoor in de plaats was er ook weer nieuwe aanvoer gekomen. Champignon was er, en de hele familie Sperzieboon.

Zoals te doen gebruikelijk, waren de nieuwkomers uitgehoord over het laatste nieuws in de buitenwereld. Zodoende hadden Paprika, Sla, Komkommer, Taugé en Witlof te horen gekregen dat Taugé niet langer de nummer één verdachte was in de EHEC-kwestie. Hij had subiet zijn praatjes weer terug.

"Ik zou nu graag 'zie je wel' zeggen", zei hij. "Maar dat niveau past bepaalde andere groenten beter." Hij keek veelbetekenend naar Komkommer. "Dus ik ben maar gewoon blij dat de beschuldigende vingertjes niet langer op mij gericht zijn. Ik zou nooit amok maken in een maagdarmkanaal. Zo zit ik niet elkaar."
"Je bent blij?" schamperde Komkommer. "Jij bent echt niet goed gaar hè?! Je bent nu aangetast in je goede naam. Je hebt imagoschade. En dat is niet niks hoor... ik weet er alles van." Zijn mondhoeken zakten wat naar beneden bij die laatste woorden.
"Nou, daar vind ik wel wat op! Ik kan een schadeloosstelling eisen. Of eerherstel. Of ehm... genoegdoening", zei Taugé strijdlustig.

"Ik denk dat we pas echt weer opgelucht kunnen ademhalen als de werkelijke dader gepakt is", zei Sla. Hij pulkte aan een bruin blaadje bij zijn voet. "Tot die tijd vertrouwen ze ons toch niet helemaal."
"Nee, er worden zelf schoolexcursies naar Duitsland uitgesteld vanwege dat EHEC-gedoe", wist Champignon te vertellen. "Maak het nou!" riep Witlof. "Wat een stemmingmakerij!" Champignon knikte. "En een komkommerteler heeft zijn hele oogst aan de dierentuin cadeau gedaan. Al die komkommers worden nou opgegeten door de olifanten." Komkommer kreunde zacht.

Paprika, die een beetje had liggen dommelen in zijn bedje van Sla, werd nu ook wakker. Loom zwaaide hij naar de familie Sperzieboon. "Het is wel fijn dat wij er nog steeds niets mee te maken hebben", zei moeder Boon. "Imágoschade, het klinkt zo akelig..." "Ja maar mam", zei een klein Boontje, "Nu weet wel iedereen dat wij kiemgroenten zijn, net als Taugé. Eerst was die term heel niet zo bekend." Het kleine Boontje richtte zich trots op. "Ja maar toch... Taugé trekt ons met een beetje pech wel mee in de vrije val die 'imagoschade' heet..." Moeder Boon keek zorgelijk. "We zijn ergens toch familie hè."
"Ach, maakt u zich geen zorgen, mevrouw Boon", zei Taugé. "Ik ga er een zaak van maken. Ik duik vandaag of morgen in de jurisprudentie en dan komen we er heus wel uit."

Witlof trok een gezicht. "Taugé, je moet wel realistisch blijven, jongen. Champignon ligt hier. Jij ligt hier. Ik denk dat het enige waar jij vandaag of morgen induikt een pan nasi is."

Taugé wilde een weerwoord geven, maar besefte zich dat Witlof best eens gelijk zou kunnen hebben. Hij keek treurig.
Champignon keek ook maar zo.

maandag 6 juni 2011

Groentebla

Het was donker in de groentela. De bewoners waren diep in slaap, of ze deden alsof. Ze hadden een paar roerige dagen achter de rug, vol van ruzietjes en verhitte discussies. Maar nu was het even stil, afgezien van de geluiden die door de deur van de koelkast drongen.

Paprika lag knus tegen Sla aan, maar kon de slaap niet vatten. Hij luisterde naar de nieuwsuitzending die hij door de koelkastdeur net kon verstaan. Het ging natuurlijk weer over EHEC. En over taugé.
"Ben je ook wakker?" fluisterde hij hoopvol tegen Sla.
"Ik sla", zei Sla.
Paprika grinnikte. Hij kon de flauwe humor van Sla wel waarderen.
"Hé maar Sla, hoorde jij dat nou ook? Ze zeggen dat Taugé het heeft gedaan..."

Op dat moment werd duidelijk dat er meer groenten helemaal niet zo diep in slaap waren. De opmerking van Paprika bracht een bries van verontwaardigd gefluister teweeg.
"Taugé?" lispelde Komkommer. Hij had een zware week achter de rug, de groentela had twee kampen gevormd waar hij ongewild en onbedoeld als lange groene scheidslijn tussen had gelegen. Hij keek om zich heen en zei boos: "Zie je wel! Zie je nou wel! Ik zéí toch dat ik het niet was?" Tomaat & Tomaat, die iets minder onder de geruchten geleden hadden, maar toch ook wel heel erg, vielen Komkommer bij. "Ja, zie je nou wel! Wij zijn gewoon Goed & Gezond! Er is niks mis met ons!"

Witlof, de enige die echt had geslapen, werd nu mompelend en mopperend wakker. "Zeg hé, wat is dit nou weer voor herrie? Ik dacht dat we het erover eens waren dat we de zaak zouden laten rusten!"
"Jawel", antwoordde Paprika, "Maar ik hoorde net dat het Taugé is. En wie is in deze groentela degene die de meeste lasterpraatjes heeft lopen rondstrooien? Juist ja!" Paprika wendde zich tot Taugé. "Nu heb je niet zoveel babbels meer hè? Zeg nou eens wat! Is het waar wat ze beweren?"

Taugé haalde nukkig zijn schouders op. "Ik beroep me op mijn zwijgrecht", zei hij een beetje gewichtig. "Ha! Ja! Nu ineens wel!" hoonde Komkommer. "Nou, ík ga niemand vals beschuldigen. Ik weet hoe dat voelt. Maar excuses lijken me wel gepast!"

"Jongens, jongens", probeerde Sla de gemoederen wat te bedaren. "We moeten een front vormen. Als we niet uitkijken, worden we hier allemaal de dupe van. Straks ziet niemand ons nog als vitaminebron, maar als gevaarlijke EHEC-verspreiders. Maar samen staan we sterk! Als we tenminste niet al onze kracht verspillen aan geruzie. Toe nou..."
Tomaat & Tomaat rolden naar Sla toe, om hem hun steun te betuigen. Witlof gaf ook te kennen het met Sla eens te zijn en Paprika kroelde nog eens extra door Sla z'n blaadjes. Maar Komkommer bleef boos. Taugé beriep zich nog steeds op zijn zwijgrecht.

"Zo makkelijk gaat dat niet!" riep Komkommer geaggiteerd. "Ik was toch altijd een gewaardeerd lid van de groentela, maar deze week... Het was akelig hoor, écht akelig. Hoon, spot, laster. Mijn goede naam besmeurd. En grappen, allemaal grappen ten koste van mij! Dat doet pijn hoor, dat steekt!" Komkommer moest er zowaar een beetje van grienen. Sla gaf hem een blaadje om zijn neus in te snuiten. "Kom, Kom, Komkommer", begon hij. Paprika grinnikte weer. "Taugé kan net zo goed onterecht beschuldigd worden als jij. Dat weten we niet. We blijven het nieuws gewoon volgen. Die rare mensen maken er een veel te grote toestand van."

Taugé voelde zich gesteund. Komkommer wilde eigenlijk nog steeds wel excuses horen, maar hij besloot zich voorlopig rustig te houden. Witlof gaapte. "Kunnen we dan nu weer gaan slapen?" vroeg hij.

En dat deden ze.

vrijdag 3 juni 2011

Borrelpraat

"Lang zal je lever" heette het programma dat gisteravond werd uitgezonden. Het was erop gericht jongeren bewust te maken van de gevaren van alcoholgebruik. Het drankgebruik onder jongeren is de laatste jaren steeds excessiever geworden, en zo'n thema-uitzending is dan best een goed idee.

Natuurlijk had ik al vaker gehoord over comazuipen en aanverwante praktijken. Noem me naief, maar ik dacht: het zijn de unhappy few die dat doen. Maar nee. Ik denk dat het net te ver gaat om het 'gemeengoed' te noemen, maar toch bleek het meer regel dan uitzondering dat pubers zich extreem bezatten. Niet eens sporadisch bij een feestje, maar wekelijks. Sommigen zelfs meerdere keren per week.

Ik keek het programma met stijgende verbazing. Ik ben zelf vrij 'keurig' als het gaat om alcoholgebruik. Daarmee wil ik niet zeggen dat ik nooit wakker ben geworden met een klopboor in mijn hoofd en de smaak van dode bever in de mond; ik heb heus ook wel eens een drankje teveel gedronken. Maar vergeleken met wat deze jongeren presteren, was ik zelfs in mijn meest aangeschoten toestand een amateuristische wannabe. Pubers die zonder blikken of blozen vijf liter bier op een avond soldaat maken. En daar komen de mixjes dan nog bij. Jongeren die menen geen leuk feest te kunnen hebben al de drank niet rijkelijk vloeit.

Wat me nog het meest schokte, was de 'matter of fact' manier waarop ze over hun alcoholconsumptie spraken. Dat ze het normaal vinden dat je op je elfde al alcohol drinkt. Dat ze menen dat dat erbij hoort en dat het je vormt. Nou, in dat laatste hebben ze dan wel weer gelijk, maar niet in positieve zin. Hersencellen kunnen zich door de alcohol niet ontwikkelen, je lichaam krijgt een optater van heb ik jou daar, noem het allemaal maar op. Er werd verteld dat korsakov bij steeds jongere mensen voorkomt. Maar die jongeren die horen dat aan en die lachen erom. Die zien beelden van zichzelf in beschonken toestand waarbij ze zeggen: "Och, dat valt toch best mee?" Bij sommige anderen moest er eerst een alcoholvergiftiging aan te pas komen vooraleer ze inzagen dat het misschien niet zo verstandig was wat ze deden.

Ik snap het niet. Ik snap het werkelijk niet. Dat die jongeren dat doen, dat hun ouders dat tolereren en dat het kàn. En behalve dat ik het niet snap, kan ik me er ook best een beetje boos over maken. Kinderen van die leeftijd zijn zó kwetsbaar. En ja, in de puberteit ontwikkel je jezelf, ben je op zoek naar je eigen identiteit. Maar juist in die zoektocht kan je gevoelig zijn voor het overschrijden van je eigen grenzen en dan moet er toch een ouder, wijzer iemand zijn die zo'n grens dan af en toe voor jou stelt? Ik snap best dat ze op een gegeven moment eens een biertje willen proeven, maar vijf fokking liter op een avond?!

En natuurlijk, ik keek dat programma vanuit mijn eigen perceptie. Mijn ouders hebben mij nooit grenzen hoeven stellen met betrekking tot alcoholgebruik, simpelweg omdat ik er niet naar taalde. Ik dronk appelsap en was daar erg tevreden mee. Maar die jongeren van gisteravond blieven de appelsap waarschijnlijk pas als het zover over de datum is dat het is gaan gisten.

Ik kan alleen maar hopen dat zo'n uitzending effect heeft. Dat er gisteravond jongeren zijn geweest die dat zagen en zich achter de oren krabden. Maar één zo'n uitzending gaat niet het beste effect sorteren, ben ik bang. Ik hoop dat er meer aandacht aan wordt besteed, richting iedereen die ook maar iets kan doen om deze ontwikkeling te remmen, te stoppen het liefst.

Dat drank meer kapot maakt dan je lief is, dat werd in elk geval goed duidelijk.
En dat zal dan van je lang zal je lever niet meer herstellen.

U Zei?! - Deel 36

De laatste maanden verzamelde ik weer heel wat verhaspelingen. Hierbij de nieuwe lijst. Om de donkere dagen en de gedeeltelijke lockdown wat...