donderdag 26 augustus 2010

Boer zoekt jou?

U weet vast nog wel dat ik gek ben op Boer Zoekt Vrouw. Heel erg gek zelfs. Er zijn weinig programma's die me zó kunnen boeien. Het is natuurlijk niet vaak op TV. dus ik moet teren op oude seizoenen en tussentijdse nieuwtjes.

Adoptieboer Richard heeft bijvoorbeeld een kindje gekregen. En boer Frans is uit zijn eigen huis gezet, omdat hij in de clinch ligt met zijn vader. En het mooiste nieuws: op 5 september is de aftrap van het nieuwe seizoen! '

Ik blijf die avond natuurlijk thuis, want ik wil de oproepjes van de nieuwe boeren graag zien. Er hebben zich maarliefst 355 agrariérs aangemeld. De boeren die daadwerkelijk een gooi mogen doen naar wekelijkse BZV-deelname, variëren in leeftijd van 26 tot 56 jaar. Vanaf 12 december gaat het dan echt los en kunnen we weer genieten van van een wekelijkse dosis dates, logeerpartijen, ruzietjes, zwijgsessies, eerste zoenen, koeien, bloemen en piepers.

Nu ben ik benieuwd of ik de titel dit jaar misschien kan gaan interpreteren als "Boer zoekt jou". Voor het evenwicht en de nuchtere inbreng zou een man in mijn leven namelijk geen slecht plan zijn. Het is niet zo dat ik koste wat kost een boer wil, maar stel je nou eens voor dat er een Joris bij zit, die ontzettend leuke boer uit seizoen één die met Renske ging. Zo iemand wil ik best.

Natuurlijk heb ik wel een paar voorwaarden.
Paarden, koeien en zwijgers: nee, bedankt. Iemand die op een boerderij in the middle of nowhere woont, daar waar de verharde wegen ophouden: ook niet.

Maar een leuke bloemenboer ofzo. Of een kaasboer. Of een groenteboer (haha). Dat wil ik wel. Ik wilde hier aanvankelijk ook iets bij zetten over super de boer, maar dat is zelfs mij te flauw.
Een boer die aan de rand van een gezellig dorp woont, nog redelijk dicht bij een stad. In een knusse boerderij met zo'n heel mooi dak. Zo'n huis waarin je iedere dag pannenkoeken wilt eten en dat je elk weekend appeltaart bakt, gewoon om te vieren dat je er woont. Dat wil ik best. Dan wil ik ook kippen en een konijn. En een kat om muizen te vangen. Ik houd niet van katten, maar ik houd nog minder van muizen, en muizen zijn typische boerderijdieren, naar het schijnt.

Hoe dan ook; 5 september begint het.
Ik heb er zin in, en als ik boerin word, bent u de eerste die het leest.

dinsdag 24 augustus 2010

Klant en Krant

Ik heb me gisteren weer eens ouderwetsch zitten opwinden en het ging over krantenabonnementen. Dat opwinden doe ik dan op zo'n manier dat anderen mij wel eens Juffrouw Mier noemen. Terecht.

Het ging in het bijzonder over mijn eigen krantenabonnement, want om me nou te gaan zitten opvreten over andermans krant... nee. Ik gun ieder zijn krant en ieder zijn frustratie.

Ongeveer een jaar geleden sloot ik een plusabonnement op NRC Next af en ik was daar blij mee. Ik vond het heel wat om elke ochtend mijn eigen krantje van mijn eigen deurmat te rapen en op zaterdag te cocoonen met een heleboel katernen, een scrypto en de column van Youp.

In die tijd was ik parttime ziek en had ik dus genoeg tijd om de krant te lezen. Maar gelukkig kreeg mijn leven na verloop van tijd weer meer invulling en moest ik concluderen dat er dagen waren waarop ik geen letter in mijn krantje las. En ja, dan heeft zo'n abonnement op den duur weinig toegevoegde waarde.

Mijn Zeeuwse aard speelde op. Waarom zou ik €200,- per jaar dokken voor iets wat weinig waarde toevoegt? Ik besloot mijn abonnement om te zetten in een weekendabonnement. Wel het cocoonen en de katernen, niet de ongelezen weekkranten. En een kostenbesparing. Dacht ik.

Ik beldeo m mijn abonnement te wijzigen en ze wilden daar best in meegaan. Alleen vragen die mafkezen voor een weekendabonnement exact hetzelfde bedrag als voor een plusabonnement. Heb je dus minder krant voor evenveel geld. En dat verrek ik. Ik begrijp best dat Youp van 't Hek ook betaald moet worden en dat de tijd dat hij het voor een fles wijn en een boekenbon deed inmiddels ver achter ons ligt, maar ik vind het belachelijk dat ik net zoveel moet betalen voor een uitgedund abonnement.

Dus toen ik hoorde hoe het bij het NRC kostentechnisch geregeld is, nam ik subiet het besluit dat ze dat hele abonnement dan gewoon maar ergens in moesten steken. Dat ik voortaan op zaterdag wel even naar een kiosk wandel om daar een krantje te kopen. Kan ik nog eens afwisselen ook. Maar, en daar ging de opwinding van gisteren dus ook over: op deze maneir word je toch gewoon genaaid waar je bij staat?! Dat kunnen ze toch niet maken?! Als je iedere zaterdag een krantje gaat kopen ben je op jaarbasis de helft goedkoper uit en heb je bovendien nog wat frisse lucht en een ommetje. Dan ben je toch eigenlijk gewoon een beetje hier als je je laat verleiden tot een weekendabonnement?

Nou, en daar kan ik dus heel mopperig van worden en heel erg over doorzaniken, dat klopt. Dat ik als Juffrouw Mier klink op zo'n moment, dat klopt ook wel. Laat me.

Soms moet ik mijn verontwaardiging gewoon even kwijt.

dinsdag 17 augustus 2010

Weer & Verkeer

Laten we het eens - heerlijk Hollands - over het weer hebben. En over het verkeer. De scholen zijn weer begonnen en de zomer heeft er acuut de brui aan gegeven. Wat krijg je dan? Juist. Drukke wegen en enorme plensbuien.

De bui waar ik vanochtend in terechtkwam was van het type 'geen redden aan'. Nog voor ik de straat uit was gefietst, was ik doorweekt. Drijfnat kwam ik op de plaats van bestemming. Er stond zelfs een laagje water in mijn linkerschoen. Ik wilde daar een foto van maken om het u te tonen, maar nou ja, mijn prioriteiten lagen toch ergens anders (natte jas uittrekken, schoen leeghozen, mascara opdweilen). Misschien was het ook niet heel snugger om pumps aan te trekken, want die hebben nu eenmaal een vrij lage regenresistentie, maar mijn pumps waren de enige schoenen die matchten met mijn outfit. Daar komt nog bij dat de pumps nieuw zijn, en iets wat nieuws is, wil ik gewoon aan.

Maar ik ging het over weer & verkeer hebben, dus terzake.

Ik was vanochtend een beetje uit mijn hum en dat had niet eens met mijn doorweekte staat te maken. Neen. Waar het mij om ging, was het totale onbegrip dat heerst onder medeweggebruikers is een plensbui. Die hebben allemaal zo'n 'ieder voor zich en God voor ons allen' inslag en kijken mij (lief meisje in vrolijke jas maar dan wel druipend van de regen) aan met zo'n 'eigen schuld dikke bult' blik. En dan raggen ze even door een flinke plas zodat ik nog een guts water extra over me heen krijg. Een beetje zoals Kiki in Alles is Liefde (ik bedoel wat je in dit filmpje ziet op 1 minuut 44, ik kon geen betere vinden).

Hoe dan ook, dit irriteert mij. Zoals eigenlijk alles wat oponthoud veroorzaakt tijdens fietstochten door plensbuien mij irriteert. Ik vind: er moet een verkeersregel komen die zegt dat, wanneer het giet van de regen, fietsers zonder regenkleding en zonder zo'n levensgevaarlijke plu altijd en overal voorrang dienen te krijgen. Of dat alle paraplubezitters verplicht worden om in coöperatie een soort haag van plu's te vormen waar die arme, arme fietsers dan gewoon onderdoor mogen
karren zodat ze niet zo verschrikkelijk nat worden.

Het is gewoon niet leuk. Dat je ergens binnenkomt en er plasje ontstaat waar jij stilhoudt. Dat je de hele dag te kampen hebt met de naweeën, omdat een jas gewoon niet heel snel droogt en je dus elke keer je warme armen dus weer in klamme mouwen moet proppen. En, vooral, dat het tijdens een zichzelf respecterende regendag nooit beperkt blijft tot één nat pak. Dat iedereen je dan meewarig maar ook licht gnuivend aankijkt, met zo'n blik van "jezus mens, die poncho's worden neit voor niets verkocht hoor". Dat weet ik heus wel. Ik houd alleen niet van regenkleding.

Vandaag ben ik drie keer doorweekt geweest. Inmiddels heb ik ook één positief puntje ontdekt. Zo'n nat pak rechtvaardigt dat ik nu heerlijk in mijn chillbroek op de bank zit en ik lekker niet meer naar buiten ga. Al fikt mijn huis af: ik blijf binnen.

En da's dan wel weer lekker.

maandag 16 augustus 2010

Heftige emoties enerzijds, anderzijds

Laat ik beginnen met het etaleren van mijn gevoel voor understatement: de laatste periode was nou niet bepaald de gelukkigste uit mijn leven.

Een hoop ‘gedoe’ was er toch al, toen ging Maaitje dood en daarna opa ook nog. Dat is pittig. Eerlijk gezegd ben ik er nog steeds niet uit hoe ik er precies mee moet omgaan . Doorgaan en hopen op betere tijden, lijkt het. En ergens heb ik ook het gevoel dat de bliksem geweest is, maar de klap nog moet komen. Dat onontkoombare besef dat ze écht, echt weg zijn.
Ik kom opa op het moment nog voortdurend tegen in de stad, Maai heeft al honderd sms’jes van me gekregen. Steeds tot het moment dat ik me besef dat het godsonmogelijk is. En daarbij: wat heeft opa nou in Den Haag te schaften? Niets toch? En Maai sms’en heeft ook al geen enkele zin meer… terwijl er zoveel is wat ik haar nog wil zeggen, vragen, vertellen…

En toch. Toch was er deze periode ook iets moois. Iets heel erg moois. En dat heeft dan weer alles te maken met mijn lieve, beste vriendin J..

J. is in verwachting. Er komt een klein baby’tje. Ik word een soort van tante en daar verheug ik me ongelofelijk op. Het kindje komt pas begin 2011, dus het vergt nog veel geduld van alle betrokken partijen.

Natuurlijk, er worden wel vaker baby’tjes geboren. Ook bij mensen die ik ken. Maar dit is voor het eerst dat er een kindje komt dat zó dichtbij me staat. Het kindje van mijn beste vriendin. Ook al heeft het kindje nu nog maar de grootte van een kiwi en weet ik nog niet eens of het een jongetje of een meisje wordt, ik krijg nu al vlinders in mijn buik van het vooruitzicht. Ik wist niet dat het mogelijk was om zoveel van iemand te houden die je nog niet eens kent. Maar dat kan dus. En dat ik ook nu al trots ben op dat kindje. Omdat het van vriendin J. is, en op haar ben ik sowieso altijd al trots (dat is ook een understatement).

Ik verheug me er zó op. Tot nu toe heb ik me (redelijk) kunnen beheersen, maar ik vrees dat ik de Prenatal ergens in de komende maanden wel ga plunderen.

Pas maar op lief nichtje of neefje, tante Anne is straks niet bij je weg te slaan. Maar voorlopig zit je prima in de buik van je mama.

Ik wacht op je.

woensdag 11 augustus 2010

Waar bewaar je een onderbroek?

Ik heb weer eens een lezersvraag.

De aanleiding
In dolle verwondering vroeg ik me afgelopen zaterdag af hoe andere mensen (vrouwen vooral) hun ondergoed opbergen. Ik had namelijk een nieuw setje gescoord en ik kreeg daar hangertjes bij. Kapstokjes. Knaapjes. Hoe noem je die dingen.

Daar zag ik het nut niet van in. Mijn kledingkast heeft het formaat van een lucifersdoosje en bovendien is het ding volledig volgestouwd, dus ik kan mijn onderbroekjes daar onmogelijk ook nog bij ophangen. Bovendien: wie dóét dat in godsnaam? Dat kan je toch alleen werkelijk menen als je een inloopkast hebt ter grootte van, laten we zeggen, mijn hele huis? En even: onderbroeken aan een kapstokje? Dat is toch net zoiets als je pyjama in de plooi strijken?

De oude situatie
Ik maakte zaterdag nog gebruik van een ondergoedmand, maar dat werkt ook niet echt goed. Zo’n mand is namelijk nogal chaosgevoelig. Hoe hard ik probeerde om mijn lichte beha’s netjes te scheiden van de donkere exemplaren en onderbroeken idem dito, binnen de kortste keren was het steeds weer een puinhoop. De onderbroeken mengden zich met elkaar, de beha’s vielen uit het mandje of kropen naar de sectie onderbroeken… een dolle boel, maar als je na het douchen snel een ondergoedje wilt aantrekken is het bepaald onhandig.

De vraag
Nou ja, en toen had ik dus dat nieuwe setje en die hangertjes en vroeg ik me echt af hoe andere meisjes dat doen, ondergoedgewijs. Een laatje? Een mandje? Een inloopkast? Een kluwen? WAT?

Een doorbraak
Overigens heb ik ondertussen wel een doorbraak geforceerd. Ik was mijn huis weer eens aan het metamorfosen (mijn nieuwe hobby) en daarbij verhuisde ik een ladekastje naar de slaapkamer. Twee laatjes. Twee sorteringen ondergoed (licht en donker). Dus voor elke genre een eigen laatje. Bijzonder opgeruimd, al zeg ik het zelf. Het bood me zelfs de ruimte om de onderbroeken naar type te ordenen. Als ze namen hadden gehad, had ik ze op alfabetische volgorde gelegd. Maar dat kan ook zijn omdat ik nogal graag mag alfabetiseren.

Maar goed, dames, ik vraag me nog steeds af hoe en waar andere vrouwen hun ondergoedjes bewaren. Dat is pure nieuwsgierigheid, maar misschien kunnen we ook nog iets van elkaar leren. Als er ook mannen zijn die iets over dit thema willen zeggen: dat mag.

Roept u maar.

dinsdag 10 augustus 2010

Een poëtische uitdaging

Ik was afgelopen weekend bij vriendin M. en het was geweldig. Nou is het altijd geweldig als wij bij elkaar zijn, maar dit keer hebben we iets grensverleggends gedaan. Laten we het een poëtische uitdaging noemen.

Het kwam door Candlelight
M. vertelde over een autorit die opgeluisterd werd door candlelightmuziek. U weet wel, dat programma waarin Jan van Veen tenenkrommende liefdesgedichten voorlas. De gedichten zijn eruit geknikkerd, maar de bijbehorende mierzoete muziek is nog steeds op de radio, ’s avonds om 23 uur.
We kregen acuut een behoefte aan candlelightmuziek. Dus wij googelden en vonden de website van candlelight. Daar stond ook zo’n gedicht en de meest geschikte manier om dat te lezen bleek de ‘en alles rijmt’-methode van Sesamstraat. Kent u die nog? Het komt er op neer dat de één de zinnetjes zegt of zingt en dat de ander ze dan afmaakt, in een voorspelbaar rijmschema. Toen ik 4 was zongen mijn vader en ik het ‘en alles rijmt’ liedje heel vaak, vooral tijdens de afwas. Dat was geen kinderarbeid; ik vond afwassen leuk.

Maar afijn.
M. en ik besloten zelf zo’n gedicht te maken. We zijn namelijk kanjers in Sinterklaasgedichten en dit leek daar heel erg veel op. Dus wij aan de slag, met de intentie om ons meesterwerk daadwerkelijk in te sturen.

Sinterklaas is de liefde niet
Candlelightgedichten zijn niet alleen simpel van opzet, ze zijn ook overwegend positief. Zelfs als het over liefdesverdriet gaat, is het altijd nog wel verdriet om de Absolute en Uiteindelijke Ware. En dát maakt het moeilijk. We kwamen niet verder dan:

De Ware
Ik heb je nog steeds niet gevonden
Dus ga ik in oktober naar Londen
(in november meer…)


Daarna probeerden we de invalshoek ‘mooie ogen’, maar ook daar strandde onze poging al spoedig:

Zijn ogen
Van het diepste blauw
Ik sloeg hem harder
Dan ik toen deed bij jou


Dus toen kozen we voor het standaard ‘jij’, waar Candlelight groot mee is geworden. Dat leverde ons het volgende op:

Jij, ik, wij samen
Wij zemen de ramen
Onze vissen hebben geen namen
En voor het raam staan cyclamen

U ziet: het rijmschema hadden we wel in de vingers. Alleen met de inhoud wilde het niet zo vlotten. We probeerden het met een verbroken liefde, dat inspireert dikwijls meer. Het resultaat was ook al niet wat we voor ogen hadden, namelijk dit:

Het is voorbij
Je bent nu niet meer van mij
Je wilde liever met een ander zijn
En dat doet me vreselijk pijn
Ik ben nu verslaafd aan rode wijn
Want dat is het beste medicijn
En toch voel ik me heel klein
Door al jouw venijn
Het was alleen maar schone schijn
Je bent gewoon een vuil konijn
Of beter nog: een everzwijn
Ik wil niet eens meer bij je zijn!

Het gedicht dat we componeerden voor M.’s vriendje R. sneed nog wel hout (“jij bent nu tien dagen in Spanje / toch hou ik heel veel van je / maar tien dagen weggaan… hoe kàn je!”) maar het slot van het liedje was dat we constateerden dat we te cynisch zijn voor dit genre. Het enige rijmwoord dat we op dat moment konden verzinnen bij cynisch was poliklinisch en nou ja… zo’n gedicht is gedoemd te mislukken.

Uiteindelijk hebben we niets geschreven dat daadwerkelijk geschikt was om in te zenden. Jammer man. Maar we hebben wel een hilarische avond gehad op deze manier.

Met veel plezier. En pijn in onze lachspier. Tot hier.

zaterdag 7 augustus 2010

Te sjiek

Ik heb al u een paar keer verveeld met mijn habitatkwestie, mar ik moet het er toch weer even over hebben. Er was namelijk een change of plans: in een helder moment had ik bedacht dat ik ook een groter huurappartement kon zoeken. Zo gezegd, zo gedaan en toen ineens stond daar op funda een schitterend hutje met een keuken.... nou ja, een droom.

Dus wat doe je dan? Juist, dan maak je een afspraak voor bezichtiging en fiets je op een mooie vrijdagmiddag naar dat huis. Vol verwachting klopte mijn hart.

Het begon toen ik de woonwijk infietste. Vertwijfeld keek ik om me heen naar huizen die nogal luxe aandeden en vroeg me af waar ik nou toch terecht was gekomen. En even for the record: ik woon nu in Benoordenhout hè, dus ik ben wel wat gewend. Maar pfoeh.
Ik moest ook wel even zoeken naar de straat waar mijn mogelijk nieuwe appartement zich bevond, maar toen ik daar kwam bleek dat het geen straat was. Nee, het was meer een soort privéterrein. En vanaf dat terrein fietste ik onder een poortje door en kwam uit bij een soort poepsjieke residentie waar ik me direct slightly underdressed voelde in mijn spijkerbroekje en waar ik me ook nogal armoedig voelde met mijn fietsje. Want op de residentie stonden hoofdzakelijk auto's geparkeerd van het type en de prijsklasse waarvan ze op de Champs Elysees nog zouden zeggen van: "Tut tut, er zijn grenzen."
Er was een binnentuintje met zo'n grasveld dat de indruk geeft dat het langs een meetlatje is bijgeknipt en dito haagjes. En dan waren er dus diverse kleinere complexen en in één daarvan bevond zich het appartement.

En dat appartement, ja, dat was wel wat. Dat was mooi, eerlijk waar. Niks mis mee. En als het ergens anders was geweest, had ik er ook direct 'ja' tegen gezegd.

Maar nu niet. Nee. Ik kon mezelf niet visualiseren in die buurt. Ik kreeg nu al haast een rolberoerte van de ingehouden lach. Die hele omgeving ademde een allure waarbinnen het niet minder dan gepast is als zelfs mijn beste vrienden me 'mevrouw' zouden noemen. Terwijl ik me nog altijd herken in dat jongetje van de Mc Donald's reclame als iemand mij mevrouw noemt. Het gehele complex stond in elk opzicht net iets te ver van 'het gewone leven' af. Net iets te ver fietsen naar het centrum. Net iets te ver van zo'n ordinaire Albert Heijn. En ik dacht: "Als ik ooit gepensioneerd ben. Heel misschien dan. Maar nu wil ik mensen om me heen en gezelligheid. Geen kouwe kak en omhooggevallen types."

En dus fietste ik met een big smile op mijn gezicht terug naar huis. Naar mijn veilige huis in de gezellige buurt. En 's avonds fietste ik binnen tien minuutjes naar het Plein, omdat ik daar had afgesproken met vriendin J., aan wie ik dit hele verhaal in geuren en kleuren vertelde. We lachten er heel hard om. Daarna kletsten we over een heleboel andere dingen. Gewone meisjesdingen, zoals de kamer van je date onderkotsen en paniekaanvallen. Nou ja, en ook over écht gewone meisjesdingen (mannen, werk en kokosmakronen).

Ik voelde me net iets meer thuis dan anders.

vrijdag 6 augustus 2010

Wat zullen we doen?

Laten we eens even virtueel de koppen bij elkaar steken, want we hebben iets te bespreken. De sterren van de kabinetsformatie trekken zich terug en houden radiostilte, dus wij moeten ons drie weken lang helemaal op eigen kracht vermaken. Ik denk dat we even iets moeten vezinnen om de tijd te doden.

Kijk, voor mij persoonlijk is het geen heel groot probleem, ik praat over alles wel mee. Deze week heb ik nog een discussie opgestart over Ted de Braak en zolang daar nog over te praten valt zijn we echt niet verloren. Maar er zijn ook mensen zoals mijn collega W., die het nèrgens anders meer hebben over dan over De Formatie.

Ik vind het heel interessant hoor, echt, en ik volg al het nieuws ook op de voet. Ik volg Frits Wester op Twitter en ik droomde afgelopen week zelfs dat ik bij nu.nl werkte, wat iets zegt over de plek die die site in mijn leven inneemt. Het jammere is alleen dat collega W. Het Citeren Van Frits Wester tot zijn core business heeft gemaakt. Aan die citaten mankeert níks. Hij moet een audiografisch geheugen hebben. Dat is bijzonder irritant.

Natuurlijk heb ik al geprobeerd om hem er subtiel op te wijzen. Dat begon met opmerkingen als "ja ik hoorde het", waarbij ik - naïef als ik soms ben - dacht dat de kous daarmee af was. Maar neen. W. oreerde voort, en voort, en voort, totdat alle nieuwsrubrieken woordelijk waren herhaald (nou ja, dat is niet helemaal waar, maar zo voelt dat). Daarna probeerde ik het met aanvullingen op zijn speech, wat ook niet wilde baten, en daarna rolde ik alleen nog maar met mijn ogen als hij weer begon.

Nu komt er dus een radiostilte en ik heb voorwaar met collega W. te doen, want hiermee komt er voor drie weken een einde aan zijn grote passie. Dus nu hebben we een alternatief nodig. Een leuk gespreksonderwerp waar we de formatie wel mee doorkomen.

Groenerick is een optie. Daar valt genoeg over te speculeren. Over het zeilmeisje weiger ik nog één woord te zeggen, dus dat gaat niet (ik wil wel mee kunnen praten natuurlijk). We kunnen ook brainstormen over het motto voor het nieuwe kabinet, want daar is men naar op zoek. Ik heb 'E pluribus unum' (eenheid uit veelheid) voorgesteld, maar ik kan me zo voorstellen dat er mensen zijn met betere ideeën. Mochten we het dan echt niet meer weten, dan kunnen we met z'n allen moslim worden, zodat het nieuwe kabinet meteen een interessante casus heeft als ze van start gaan.

We hebben drie weken. Wat zullen we doen?

dinsdag 3 augustus 2010

Een stukje zonder Job Cohen

Waar de komkommertijd op tv zich normaliter kenmerkt door herhalingen van dramatisch slechte series en obscure spelprogramma’s, is er dit jaar een grote doorbraak. Ten eerste hebben we dat te danken aan de soap rondom het nieuwe kabinet.

Even een samenvatting van de kabinetsformatie
Eerst was er plan A, maar toen zei iemand dat hij mordicus tegen was. Toen kwam plan B, waar de betrokken partijen erg voor zijn, maar de indirect betrokkenen niet en nu zegt die iemand die mordicus tegen was dat hij dat nooit gezegd heeft (en is daarmee een spitting image van zijn voorganger, ik denk dat bij de functiewisseling naast het spreekwoordelijke stokje ook de bijbehorende draaikont is overgegeven). Hij wijst nu met een bestraffend vingertje naar iemand anders, en roept van ‘Ja maar hij…’.
Dan heb je nog een derde iemand die bedacht heeft dat hij dan maar plan C gaat schrijven. En het is allemaal de schuld van Ruud Lubbers (vindt de één, maar de ander vindt van niet, terwijl bij zijn cardioloog dollartekens in de ogen verschijnen, want zoveel stress kan nooit goed zijn voor die man).
Zeg nou zelf: GTST is er niks bij. Ik bedoel: daar is de enige cliffhangert wie Sjors bezwangerd heeft, en natuurlijk is dat Danny want anders loopt die verhaallijn wel erg abrupt af.

Naast de kabinetsformatie is er ook nog iets anders dat me televisiegewijs op de been houdt deze zomer, en dat is het programma In Therapie. Echt een schitterend program waar ik – ik overdrijf niet – voor opblijf. Ik overdrijf trouwens sowieso helemaal nooit.

Wat het is
In Therapie is elke werkdag op de buis, met elke avond een andere patiënt (pardon, cliënt). Elke maandag heb je Lara, elke dinsdag Aron, elke woensdag Sophie en elke donderdag Aya en Hoeheetie.. Op vrijdag zit therapeut Paul zelf op de sofa bij een behandelaar, omdat hij ook een beetje van het padje is. En wat het nou zo heerlijk maakt: het is zo, zó stigmatiserend

De gang van zaken bij die therapeut is totaal niet representatief voor een normale therapiesessie. Of, dat kan ook, ik ben alleen maar bekend met bijzonder abnormale therapiesessies. Die Paul stelt in elk geval van die suffe vragen als “merk je wat je nu doet” en “waarom word je nou boos” en “ik denk dat jij iets heel anders bedoelt”.

De praktijk
Ik moet dan altijd een beetje grinniken. Want ik heb zelf enige therapeutische ervaring (een understatement) en hoewel het beeld dat bij In Therapie geschetst wordt perfect aansluit bij wat veel mensen denken van die sessies, strookt het niet met de werkelijkheid. Want ik heb dus P., (dat staat niet voor Paul) en die heeft mij nog nooit gevraagd “of ik merkte wat het met me deed”. En ook niet “waarom ik boos werd” (want ik word nooit boos, daarom zit ik daar). Nou ja, onze gesprekken zijn gewoon heel anders dan het gereutel bij In Therapie.

P. en ik hebben het soms over Heel Serieuze Dingen en dan moet ik huilen en reikt hij mij de doos Kleenex aan. Die Kleenex is het enige cliché dat altijd klopt. Maar vaker zitten we gewoon te babbelen en natuurlijk gaat dat dan wel ergens over. Maar niet zoals bij In Therapie.

Ik zie mogelijkheden
Voor de zomer van 2011 zitten we wellicht ook al geramd. Want stel je nou eens voor dat we iedereen die overspannen raakt van de kabinetsformatie volgend jaar mogen volgen in therapie. Dat belooft toptelevisie.

“Merk je dat je nu weer aan het draaikonten bent?”
“Ja maar… maar….”
“Waarom word je nou boos?”

U Zei?! - Deel 36

De laatste maanden verzamelde ik weer heel wat verhaspelingen. Hierbij de nieuwe lijst. Om de donkere dagen en de gedeeltelijke lockdown wat...