donderdag 30 juli 2009

Gezichtsverlies

Soms denk je: "als ik dit allemaal van tevoren geweten had, dan had ik het nooit gedaan". Ik denk dat nu.

Gisteren zijn we wezen raften. Het begon allemaal hartstikke goed, met een gezellige guide en uitstekende instructies. De omgeving was schitterend en het beloofde een leuke dag te worden. Bij het raften zouden we langs een paar 'wilde' stukjes komen, maar daar hoefden we ons niet druk om te maken, zei mr Guide.

Dus bij het eerste stukje maakten we ons niet druk, volgden we nauwgezet zijn aanwijzingen en waren we eigenlijk wel vol vertrouwen. De boot trok echter zijn eigen plan, waardoor we tegen een rots aankwamen en ondersteboven in de rivier eindigden. Regel nummer een op zo'n moment is "don't panic", maar zie dat maar eens voor elkaar te krijgen als je slechts omgeven wordt door bruisend bruin water en geen idee hebt of je nou onder de boot ligt of niet. Gelukkig kwam ik al snel weer boven water en dat was letterlijk en figuurlijk een opluchting, totdat ik 'gered' was door een ander raftteam en ik me in de boot helemaal te pletter schrok.

Mijn lenzen.
Die waren allebei weg.

Op zo'n moment kan je twee dingen doen: of je gaat op je strepen staan (in mijn geval zou ik waarschijnlijk naast mijn strepen gaan staan omdat ik ze niet meer zie, maar soit) en eisen dat niemand het water uit mag voordat die lenzen gevonden zijn. Of je ziet in (ook zonder lenzen) dat je dit verllies zal moeten dragen, omdat de kans dat ze gevonden worden nog veel kleiner is dan de kans dat Pasen en Pinksteren ooit op dezelfde dag gaan vallen. Ik koos dus voor het laatste.

Maar o, wat baalde ik. En wat voelde ik me rot en verdrietig. Ik vervloekte dat hele raftgebeuren met grote passie en ben de rest van de tocht ook niet meer meegegaan. De rest van de dag was ik zo chagrijnig als maar zijn kan. En mensen die op zo'n moment zeiden dat ze het wel snapten omdat ze ook -5 hadden, die kon ik wel wat aandoen. Ik zou willen dat ik -5 had, potdikkie, dus dat is echt geen opsteker op zo'n moment.

Nu moet ik de laatste week met bril door Canada. Dat is niet leuk, ik vind mezelf met bril gewoon stom en ik zie er veel te weinig mee. Daar is niks leuks aan. Bovendien heb ik altijd het idee dat anderen naar me kijken alsof ze Lijpe Lotje zien lopen, vers ontsnapt uit het gesticht. Maar ik weet ook wel dat dat meer in mijn hoofd zit dan dat het de realiteit is.

Nieuwe lenzen zijn inmiddels besteld. Ik vraag me nog steeds af hoe de giro 555-actie loopt, want mensen, dit soort grapjes kosten mij echt kapitalen. Als het niet zo van de grond wil komen, moeten jullie het ook eerlijk zeggen hoor. Even goede vrienden, maar dan hoop ik wel dat iemand een Mc Donald's beker voor me wil fiksen zodat ik op Den Haag Centraal kan gaan bedelen.

Nou ja, misschien is het beter als ik de mensen van de verzekering alvast vraag om hun posities in te nemen. Want er gaat gedeclareerd worden, mind my words.

Nee, mijn vakantie is even niet heel tof. Gisteren heb ik zelfs even serieus overwogen om eerder naar huis te gaan, maar ja, dat zou dan gezichtsverlies in optima forma zijn. Ik kan heel veel hebben, en dit kan er dan ook nog wel bij.

Maar als ik dit allemaal van tevoren geweten had...

maandag 27 juli 2009

Canadian Crime

U dacht dat Canada zo'n degelijk land was?
Nou, dan bent u abuis hoor
Het is hier vaak niet pluis hoor...

Mensen, ik weet niet hoe het ervoor staat met die giro 555-actie, maar ik hoop dat er een beetje schot in de zaak zit. Ik heb dat nodig, namelijk. Want de situatie ter plaatse wordt steeds armoediger. Momenteel zit ik in de gevangenis (domper nummr 1) en slinkt mijn kledingvoorraad zienderogen (domper 2).

Eerst maar even over die gevangenis. Jullie hoeven nu niet meer en masse naar mijn oma te racen om haar koelte toe te wapperen. Het is namelijk een gevagenis die in onbruik is geraakt als zodanig en nu dienst doet als hostel. Het is een heel bijzondere ambiance, waarin nog veel authentieke elementen terug te vinden zijn.

Helaas heb ik vandaag ondervonden dat er tenminste 1 echte bajesklant hier rondloopt. Of nou ja, rondliep, want ze is 'm gepeerd. Feit is dat een kamergenoot hier mijn allerliefste spijkerbroek in bruikleen heeft genomen. Althans, dat vemoed ik. Ik geloof niet dat spijkerbroeken zomaar in het luchtledige verdwijnen, dus het kan niet anders of ze heeft 'm daar een handje bij geholpen.

Ik baal er echt heel erg van, want:
1. ik heb niet zo veel kleding meegenomen, dus alles wat ik heb moet gekoesterd worden
2. de enige riem die ik bij me had, zat op die broek
3. hij was nog best nieuw
4. ik snap het niet: iemand anders had een dure GSM op bed laten liggen. Waarom zou ze mijn broek prefereren boven die mobiel? En waarom neem je een broek mee die niet eens schoon is? En waarom kan je sowieso niet gewoon met je takken van andermans spullen afblijven?!

Nou ja, dit stemt me dus wel een beetje treurig. Ik heb wel een goede reisverzekering die ook dit soort akkefietjes dekt, maar daarmee heb ik mijn broek niet terug - dat zou me meer waard zijn namelijk.

De slogan van het hostel is: "You don't have to commit a crime to do time".
Nee, maar het kan dus wel.

Die schandpaal in de voortuin heeft ineens een heel andere lading. Als ik haar te pakken krijg...

vrijdag 24 juli 2009

John Kroif

The journey continues, inmiddels is uw verslaggeefster in Kingston.

Gisteren vertrokken we met de bus vanuit Toronto. Vlak voor vertrek hadden we nog een leuke ervaring met een hotdog-verkoper. Hij vroeg ons waar we vandaan kwamen (die vraag heb ik sinds ik hier ben al ongeveer 87 keer beantwoord), en toen hij hoorde dat we uit Nederland kwamen ging hij helemaal los.

"The Netherlands! That is great! You have beautiful flowers, your milk is the best in the world! And most of all: you have John Kroif!"

Wij probeerden nog een lans te breken voor onze kaas, maar daar moest hij niets van weten. In plaats daarvan begon hij een lofzang op onze John Kroif. "He's the best football-player on earth. He is!" (wij, in gedachten: "Oooh, Johan Cruyf...")

"The Netherlands is the best football-country. I don't give anything about other sports, but Dutch football is great! And John Kroif is like a hero!"

Ik: "Well, if we're the best, than how is it possible that we never win a competition?"

Hij: "No, it's not about winning. It's about knowing how to play the game! And you have...."

(wij, in gedachten: "Ja ja ja, wij hebben Johan Cruyf...")

Het slot van het liedje was dat wij nog steeds geen erkenning hadden voor onze kaas, maar wel de groeten moesten doen aan Johan Cruyf en in onze oren moesten knopen dat we het beste voetballand ter wereld zijn.

Dus Johan: groeten van de hotdog verkoper in Toronto.
En lezers: we zullen wel weer niet winnen volgend jaar. Maar daar gaat het dus niet om.

dinsdag 21 juli 2009

Canada's Most Wanted

Vanuit het hostel in Toronto een allereerste update!

Mijn reis is begonnen op een manier die ik niet voor mogelijk had gehouden. Ik denk dat het aan de vreselijke foto in mijn paspoort ligt, waar werkelijk alleen het zwarte balkje ontbreekt. Plus een 'verreist' uiterlijk bij het enteren van Canada. Die combinatie deed me geen goed.

Bij de douane werd ik onderworpen aan een vragenvuur waar ik me kranig doorheen sloeg, maar blijkbaar net niet kranig genoeg. Ik moest me melden bij een bitch (maar echt) van de immigratiedienst, alwaar ik eenzelfde vragenvuur kreeg. Wat ik kwam doen, hoe lang ik zou blijven, of ik werkte en wat voor werk dan, of ik daar bewijs van bij me had, wat voor bagage ik bij me had, of de kleding in mijn backpack dan wel genoeg was... Ik moest erg mijn best doen om niet met mijn ogen te gaan rollen of verbaal over die trut heen te braken, want allemachtig, wat een gezeik was dat. En niet bijdehand gaan doen op zo'n moment hè, want dat werkt in je nadeel.

Vervolgens moest ik op een stoeltje apart gaan zitten en ging ik in mijn hoofd nog maar eens na of ik niets over het hoofd had gezien bij het opzeggen van mijn Al Qaida-lidmaatschap. Maar nee, ik had de procedure naar behoren gevolgd. Daarna moest ik weer terugkomen naar de balie en toen!!

Alsof ik de eerste de beste terrorist was, zo benaderde ze me. Ik mocht bij Gods gratie wel het land in (op voorwaarde dat ik geen staatsgreep ga plegen, veronderstel ik), maar ik kreeg wel een formulier in mijn paspoort geniet waaruit blijkt dat ik enigszins verdacht ben. Verdacht waarvan, dat vermeldt het verhaal niet. Dat formulier moet ik terug inleveren op de dag van vertrek. En nou komt-ie: als ik dat niet doe, krijg ik het Canadees equivalent van de Immigratie- en Naturalisatiedienst achter me aan.

Nog geen uur in Canada, had ik dus al de status van "Undesirable No. 1". Dat lukt alleen de hele groten hoor, wat ik je brom. Ik moet dus een beetje op mijn tellen passen tijdens mijn verblijf hier. En als ik nou nog snapte waarom... maar nee.

Rest mij nog een klein verzoek aan jullie... willen jullie uit voorzorg een giro 555-achtige actie opstarten, zodat jullie me vrij kunnen kopen als ik over 2,5 week onverhoopt vergeet om me af te melden bij de Immigratie?
En wil iemand even met een glaasje water naar mijn oma gaan nu? Ze zal het nodig hebben.

I'll keep you posted!

zondag 19 juli 2009

Leaving on a jet plane

All my bags are packed
I'm ready to go

Ik had echt gedacht dat ik nu op zou zijn van de zenuwen, maar niets is minder waar. Ik heb op mijn gemakje opgeruimd en ingepakt. Mijn boek uitgelezen. De immer ongeruste grootouders gebeld om ze er van te verzekeren dat ik ook deze keer niet in zeven sloten tegelijk ga lopen.

In stilte moest ik erg lachen om mijn oma die vroeg of ik toch wel terug zou komen. "Al dat emigreren tegenwoordig, dat vind ik maar niks hoor!" riep ze. "Nee oma, ik heb een retourticket. Het is alleen een vakantie", antwoordde ik.
Emigreren? vroeg ik me verwonderd af. Hoe komt ze dáár nou bij?!

Het eerstvolgende logje komt uit Canada, lieve lezers.
Willen jullie in de tussentijd voor me duimen dat ik niet neerstort? Dat zou ik omgekeerd voor jullie ook doen namelijk.

So kiss me and smile for me
Tell me that you'll wait for me
Hold me like you'll never let me go...

I'm leaving on a jet plane

vrijdag 17 juli 2009

Laatste dagen thuis

Ik ben nog thuis hoor, maar ik heb het een beetje te druk om veel te posten hier.

Gisteren heb ik mijn laatste werkdag gehad en mijn bamboeplantje aan de goede zorgen van mijn collegae overgelaten. Wel spannend, maar hij is gewoon écht nog te klein om alleen thuis te blijven.

Verder forceer ik mijn arm een beetje door de pijngrens, maar dat doe ik omdat ik graag zonder mitella naar Canada wil. Dus wie niet luisteren wil, moet maar voelen. Ik had de arm ook al zolang niet gebruikt dat ik het nauwelijks nog een deel van mijn lichaam kon noemen.

Dan ben ik ook nog druk met spulletjes bij elkaar scharrelen, de laatste was draaien, mezelf vermanend toespreken als ik al in mijn vakantielectuur wil duiken, en tussendoor kijk ik heel veel Tour de France.

De tour is mijn ontspanning. Een paar uur lang gebeurt er niets, daarna sprinten ze om het hardst richting finish, et voila: de dag is weer voorbij. Dat alles wordt voorzien van prachtig commentaar. Vooral bij de Belgen. Daar hebben ze twee mannen die werkelijk lullen als gieters en daar houd ik van, want ik herken mezelf daarin.

Elke dag hoor ik van een koerser de precieze familiegeschiedenis, inclusief de beroepen van pa en ma en hoe deze renner ooit op een koersfiets verzeild is geraakt. Het is een soort Villa Felderhof, maar dan zonder Rik, zonder villa en zonder gasten, maar verder weet je uiteindelijk net zoveel. Je hoort zinnen als: “renner die-en-die, wiens schoonvader een bloemenzaak heeft in Tremelo, had ooit last van een afknelling in de lies, maar dat is verholpen door een professor in Lion. Deze renner voegt bijvoorkeur een banaantje toe aan zijn pastasaus, zo heb ik vernomen. Heerlijk."

Verbaal behang is het. Terwijl die commentatoren mij bijpraten en mijn totale dosis nutteloze kennis verveelvoudigen, kijk ik dromerig naar de mannenkonten en mannenkuiten in het peloton. Ik ga wel de finish missen, dus het zou fijn zijn als iemand mij af en toe op de hoogte wil houden van het laatste Tournieuws. Alvast mijn dank daarvoor.

Dan ga ik nu nog even kijken naar de thans voortploeterende renners. Salut!

maandag 13 juli 2009

Naderend vertrek

Mijn vertrek naar Canada komt steeds dichterbij en ik moet zeggen: ik ben daar wel aan toe, aan Canada.

Hier op mijn log lijk ik vaak zo'n type van ‘hup falderie’ en ‘de lach regeert’, maar tussen ons gezegd en gezwegen: ik ben ook maar een mens. En in die hoedanigheid was het de laatste tijd niet veel soeps. Ik heb iets vaker dan me lief is gedacht van: ‘Een stormvloed doet mijn ogen aan’, om De Kleine Blonde Dood maar eens te citeren. Ik kan best uitleggen waarom dat is, maar dat ga ik niet doen. De mensen die het moeten weten, weten het. Dat is genoeg.

Maar goed, Canada dus. Ik vind het nogal spannend, merk ik. Niet dat ik me nu met gierende zenuwen door de dagen heen stress, maar het houdt me wel bezig. Ook ’s nachts. De laatste nachten word ik geteisterd door dromen over wat er allemaal mis kan gaan. Zo bleek Canada onlangs in een droom echt een kenkelelijk land te zijn, ging in de nacht van vrijdag op zaterdag de backpack onherstelbaar kapot en vannacht koerste er een orkaan uit de zwaarste categorie rechtstreeks op Canada af. Terwijl: dat kan helemaal niet.

Het is niet zo dat ik me laat beïnvloeden door deze nachtmerries. Ik zie het eerder als een teken dat alles straks alleen maar mee kan vallen. Ik hoop het oprecht. Net zoals ik hoop dat ik eenmaal op reis alles van hier letterlijk maar ook figuurlijk achter me kan laten. Dat ik even kan ontspannen en de chaos die momenteel heerst in mijn hoofd tot rust komt. Dat ik ‘easy on the things’ ben wanneer ik thuiskom.

Op dit moment ben ik dat namelijk niet. En daarom verheug ik me op Canada.
Ik wil weg van hier.
Gaan.
Door de waas van tranen weliswaar, maar gaan.

Volgende week vertrek ik.

donderdag 9 juli 2009

Een hamster met een instabiele bek

Even over mijn arm. Het gaat al beter.

Eerst was dat niet zo; zondagavond zat ik weer bij de SEH, omdat ik in de loop van de dag steeds meer pijn had gekregen. Als ik praatte, klonk ik een beetje als de hamster van Nils Holgerson, wegens ingehouden huilen. Daarom praatte ik niet zoveel meer, en dat is zó totaal niet Anne-like, dat iedereen zich zorgen maakte. Dus er moest een dokter aan te pas komen.

Die dokter was een co-assistent die op mij mocht oefenen. Hij heeft mijn arm op de kiek laten zetten en hem daarna opnieuw ingepakt. Blijkbaar was het iets te strak ingesnoerd, want na verloop van tijd zag het blote stuk arm eruit als een rollade, maar dan zonder draadjes. Gister was ik bang dat hij zou ontploffen, dus toen ben ik maar naar de huisarts gegaan en die heeft ‘m uitgepakt. Nu heb ik alleen nog een mitella.

Mijn omgeving heeft nu alleen weinig fiducie meer in mij. Dat steekt wel, moet ik zeggen.
Het begon bij de huisarts, die mij het verband mee liet nemen “voor de volgende keer”. Ook mijn collegae twijfelen of ik überhaupt ooit nog naar buiten mag. Ze raadden mij vanmiddag een motorpak en een helm aan, en dat was nog mild. Collega L. zag meer heil in zo’n botsautobumper en collega T. suggereerde een sumoworstelpak, zodat ik blijf rollen als ik weer eens omver lazer. Daar zag ik wel wat in, want daarmee kan ik ook figureren in een bol.com reclame. Maar toen verspeelde T. zijn net opgebouwde credits met het voorstel om mij vast te snoeren in een invalidenwagentje met zo’n joystick. Je kan ook te ver gaan.

Maar goed. Ik snap het ook wel, want al met al lig ik toch bedenkelijk vaak horizontaal op het wegdek. Het lijkt mij het beste dat ik voortaan een instabiele bek trek als ik naar buiten ga.
Als ik dan ook mijn hamster van Nils Holgerson-dingetje optimaliseer, komt het vast dik in orde.

Dan kan ik nog steeds omduvelen, maar komen de reacties in elk geval minder hard aan (want: meelijwekkend voorkomen + valpartij = troetelgarantie).
Voor het overige heb ik tegenwoordig genoeg verband in huis.

maandag 6 juli 2009

Meidenbladen

Het zou goed zijn als ik wat minder te vertellen had wanneer ik eenhandig moet typen. Maar helaas, zo werkt dat niet. Mijn skatedebacle heeft gewoon heel wat nieuwe vertelstof gegenereerd en ik deel dit graag met u. Bijvoorbeeld de navolgende episode over meidenbladen.

In de wachtkamer van de SEH lag een leesmap. Op de voorkant stond iets van ‘gezellig thuis’, wat wel misplaatst was, maar verder een hartstikke leuk initiatief. Vooral toen bleek dat de Tina deel uitmaakte van die map, want de Tina is onvervalst jeugdsentiment voor vriendin J. en mij.

Bijna alle klassiekers – Noortje, Tina en Debby en posters van jongvee – stonden er nog in. Maar wat schetste onze verbazing? De probleemrubriek “O Jee, Wat Nou” was spoorloos verdwenen! Terwijl dat altijd het leukste van de hele Tina was!

Probleemrubrieken in meidenbladen staan per definitie garant voor fascinerende verhalen. In de Tina ging het meestal om klein leed, in de categorie “mijn hamster is dood en nu ben ik steeds verdrietig”. Af en toe ging het ook om kwesties als “hoe moet je tongzoenen”. De problemenredacteur van dienst schreef dan de geruststellende woorden dat je dat vanzelf merkt als het zover is, of dat je maar fijn in je dagboek moest schrijven over je dooie hamster, en weer kon een lezeresje opgelucht ademhalen.

Maar! Als je te groot was geworden voor de Tina, ging je de Fancy lezen! Compleet met problemenrubriek “Vrijen & Jij”. En dat ging wel even wat verder dan hamster- en tongzoentwijfels! Dat ging over meisjes die zichzelf wilden ontmaagden met een bevroren worst (maar echt!!) en vervolgens geconfronteerd werden met de toch wel penibele situatie van een worst die – eenmaal binnen – afbrak.

Ik denk dan: hup, naar de huisarts. Maar zij dachten: ik schrijf een brief naar Fancy! Per postduif nog hè, laat daar geen misverstand over bestaan. Dus die brief werd opgestuurd, en dan was het wachten tot je in dat blad kon lezen wat je met die worst moest doen (als de sodemieter naar de huisarts}. En de Fancy is een maandblad, dus al die tijd zat zo’n wicht met een stuk worst in haar doos. Lijkt me op z’n zachtst gezegd vervelend.

Dan valt zo’n akkefietje als ik met mijn elleboog heb nog best mee, constateerden wij in de behandelkamer op de SEH. Want J. had die worstbrief ook gelezen destijds, dus we konden er goed over praten samen. Het was een mooi afleidend onderwerp.

Maar enfin. “O Jee, Wat Nou” staat dus niet meer in Tina.
Voor wie het interesseert.

vrijdag 3 juli 2009

Arme arm

Wat begonnen is als een prachtige arm, is geëndigd in een mitella.

Het liefst zou ik u een gedetailleerd verslag geven van de gebeurtenissen van vandaag. Helaas heb ik maar één hand tot mijn beschikking en dat typt niet prettig, dus u moet het maar even met de korte versie doen.

Ik ging skaten met vriendin J. Zij had een route bedacht en die voerde ons over de Erasmusbrug. Goed, doen we, dacht ik. Brug op ging wonderwel goed, brug af was een ander verhaal. Dat ging harder dan mijn skates en ik aankonden. Als een ongeleid projectiel vloog ik de brug af en kon toen onmogelijk meer stoppen. In een uiterste wanhoopspoging greep ik me aan de brug vast, maakte een vreemde zwieper en knalde toen achterlijk hard met mijn elleboog tegen de brug,

In eerste instantie reed ik doodgemoedereerd door, maar toen mijn elleboog duidelijke pijnsignalen af begon te geven, zijn we via wat omzwervingen bij de spoedeisende hulp beland. Daar dacht men aan een breuk, maar de röntgenfoto liet daar niets van zien.

Mijn arm zit nu zwaar gekneusd in het verband in een mitella. Het is bijzonder onpraktisch en pijnlijk.

Voor nu laat ik het hier even bij. Zodra ik weer tweehandig ben, typ ik weer een gezellig logje voor u. Bijvoorbeeld over op je sokken door Rotterdam lopen of sjans met een ambulancebroeder op de SEH. Of over heel hard moeten lachen om je eigen pechvogelgehalte.

De brug bleef ongedeerd, trouwens. Er zijn mensen die daar naar gevraagd hebben.

donderdag 2 juli 2009

Bijdehand

Gisteravond ging ik picknicken met vriendin E. Voor wie nu denkt “alweer een E”: ja, mijn vriendinnen zijn vooral J’s, E’s en M’s. Wat grappig is, want dat zijn ook de beginletters van mijn drie voornamen. Maar goed, weer een E. dus, en we gingen naar de Paleistuinen.

Bij aankomst haalde E. naast lekker eten ook een kussentje uit haar fietstas. “Ik heb deze nodig”, legde ze uit, “Omdat ik maandag door een bij in mijn voet ben gestoken.” Ik bekeek haar voet, die inderdaad erg rood en opgezwollen was en toonde medeleven en begrip.

We aten, praatten, bewonderden een vlinder (zwart met oranje en wit) die op mijn tas was gaan zitten, praatten nog meer en toen deed ik iets wat ik achteraf gezien beter niet had kunnen doen. Ik plaatste mijn hand naast het picknickkleed in het gras.

Een bij die daar zat te relaxen, was het hier niet mee eens. Hij kreeg last van territoriumdrift en peurde zijn angel in mijn handpalm. “Auwauwauw!” riep ik en ik wapperde met mijn hand.

Toen ik uitgewapperd was bekeken we de hand om te checken of de angel daar nog in zat – wat niet het geval was. Wel was het nogal rood en bezig om net zo opgezwollen te raken als E.’s voet. We zaten er een beetje bij als Jut & Jul.

De actuele stand van zaken is dat mijn hand stijf en pijnlijk is en er gedeeltelijk uitziet als twee handen. Het goede nieuws is dat hier een heleboel grapjes over te maken zijn en dat doe ik dus ook vol overgave, want zo ben ik.

Dat hoort d’r bij.
Ik heb daar een handje van.

*Ketsjing-boem*

U Zei?! - Deel 36

De laatste maanden verzamelde ik weer heel wat verhaspelingen. Hierbij de nieuwe lijst. Om de donkere dagen en de gedeeltelijke lockdown wat...